Kees 't Hart - De revue

Ooit bediende de hoofdpersoon van deze roman de volgspot bij de revue. Daar leerde hij de danseres Zwiep kennen, op wie hij mateloos en hopeloos verliefd werd. Hoewel die liefde een dramatisch einde kende heeft hij haar nooit kunnen vergeten. Nu hij, vijfentwintig jaar later, een uitnodiging ontvangt voor een revuereünie gaat hij op zoek naar de verloren tijd en zijn grote liefde. Hij wil een antwoord vinden op de vragen die hem indertijd bezig hielden. Hij herinnert zich scherp hoe Zwiep sprak, met vreemde, zelfgemaakte woorden in een geheimtaal, die betoverend was maar die hij niet kon ontcijferen. Wat was haar relatie met de directeur, over wie ze niet wilde praten? Waarom mochten alleen de artiesten diens toespraken horen? De vragen worden aan het eind van de roman beantwoord, op een heel verrassende manier.

De revue werd bekroond met de Multatuliprijs 2000, genomineerd voor de Libris Literatuurprijs 2000 en gekandideerd voor de ECI-prijs.

Marja Pruis, De Groene Amsterdammer: 'Een lyrisch liefdesverhaal, vet, weemoedig en slurperig erotisch, waarin de platte revuecultuur een magische dimensie krijgt.'

Janet Luis, NRC Handelsblad: 'De revue is met overgave geschreven, zoals alles van 't Hart. Met een weldadige traagheid rolt zich de geschiedenis van een fenomeen dat al lang tot het verleden behoort, maar dat nu tot een eeuwigdurend heden is gewekt.'

Wim Vogel, Haarlems Dagblad: ik vind De revue een prachtig lichamelijk boek vol raadseltaal.'

Onno Blom in Trouw: 'Zoals altijd levert de taal der liefde de mooiste woorden op. Ook bij Kees 't Hart.'

Robert Anker in Het Parool: 'Kees 't Hart heeft met De revue zijn beste boek geschreven.'