Juryrapport nominaties Libris Literatuur Prijs 2008

Rozen heten te bloeien op een mestvaalt. En de vraag waarvoor elke jury zich gesteld ziet, is of er voldoende rozen te vinden zijn. Formeel was het totale aanbod oorspronkelijk Nederlands proza in 2007 in elk geval divers. Van de 171 voor de Libris Literatuur Prijs 2008 in aanmerking komende titels, zijn er 102 door mannen geschreven, 66 door vrouwen en de rest door koppels. Binnen dat bestand debuteerden er 32 auteurs en lag de verhouding Nederland-België op 88 versus 12 procent. Aangezien er anders dan bij de Man Booker Prize geen preselectie door uitgevers plaatsvindt, geniet de Librisjury het voorrecht een overzicht te krijgen van het geheel – de literaire praktijk in optima forma. Bij de speurtocht naar het prachtige, verscholen gebleven bloempje bleek wel wat stamina vereist, vanwege de stilistische inwisselbaarheid binnen de gehele productie.

De jury werd geconfronteerd met uiteenlopende prozasoorten, zoals de historische roman van de Middeleeuwen tot en met de jaren zeventig, de (auto)biografische roman, de familieroman, de reisroman en de postmoderne roman. In relatief groten getale waren er misdaadromans die enige uitgevers in de markt hebben gezet als literaire, psychologische of historische thriller. De kunstgrepen die daarin worden gepleegd, zouden niet misstaan in een als literair te boek staand genre. Omgekeerd gebruiken schrijvers die hun werk niet nadrukkelijk als thriller afficheren al langer detective-achtige sjablonen. Het intrigeert hoe elementen uit high en low culture door elkaar zijn gaan lopen en elkaar wederzijds bevruchten.

Deze mix past ook binnen een ruimere grensvervaging. Ze is het gevolg van de democratisering van de cultuur en wordt bijvoorbeeld ondersteund door de idee dat literatuur expressiever wordt bij een multimediaal karakter. De jury ondervond dit aan den lijve. Verhalende fictie werd nogal eens geïntegreerd in soms vrolijke, soms bijtende essayistische beschouwingen, of gelardeerd met beeldmateriaal. Was in 1860 Multatuli’s Max Havelaar al allerminst een ‘zuivere’ roman, de vermenging van tekstsoorten en verschillende kunstdisciplines lijkt inmiddels onomkeerbaar. Steeds vaker ook vullen auteurs levens van opmerkelijke figuren, of fragmenten uit hun biografie, aan met fictionele elementen. Dat kan een prikkelende vermenging opleveren, die tegelijk een kritische visie verraadt op onze samenleving.

Opmerkelijk in 2007 was de terugkeer van het even precaire als verweesde genre van de verhalenbundel. De jury juicht dat toe, al kon zij zich niet aan de indruk onttrekken dat auteurs er soms een noodoplossing mee troffen. Zulke bundels vertoonden dan een gelegenheidsverband tussen willekeurige anekdotes. Maar die geringe zelfbeheersing kon evengoed in romans zitten, waar lustig babbelende personages - onder wie nogal wat beeldhouwers, schilders, auteurs, musici, journalisten, reclamemakers en werkelozen - hun hart luchtten over vermeende of reële misstanden. Hoe aangrijpend die teksten bij tijd en wijle ook waren, ze kenmerkten zich door een richtingloos teveel.

Dat voor een fictietitel op dit moment een omvang van 260 bladzijden wel het minste lijkt te zijn, desnoods door het corps te vergroten, valt zoals bekend de auteur niet als enige aan te rekenen. Waar dat leidde tot een unieke leeservaring waar zij zelf niet zonder kleerscheuren uit tevoorschijn is gekomen, heeft de jury volop genoten. Het was haar al opgevallen dat er terzijde van de dof geworden alledaagse glitter best wat moois valt te ontdekken. Volgens de jury zijn er, het hele literaire landschap overschouwend, dus voldoende fraaie rozen te bewonderen. Dat liet de longlist al zien. Verplicht tot een afweging op het scherpst van de snede koos zij voor de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2008 de volgende zes boeken:

Jeroen Brouwers – Datumloze dagen
Marjolijn Februari – De literaire kring
Louise O. Fresco – De utopisten
D. Hooijer – Sleur is een roofdier
Marc Legendre - Verder
Koen Peeters – Grote Europese Roman